Thijs de Blok
8 vragen aan Thijs de Blok, Buurtzorg International
“Ik verwacht meer van de vastgoedsector”

Thijs de Blok is baas van de internationale tak van Buurtzorg. Hij pleit niet alleen voor zelfsturende teams, maar ook voor zelfredzaamheid van cliënten. Samen met Achmea Real Estate gaat hij nu Buurtwonen realiseren. Dat moet een betaalbare combinatie van zorg en wonen voor ouderen opleveren. “Ik ben opgegroeid vanuit de altruïstische gedachte: doe altijd het goede.”
1. Waar zouden we u van kunnen kennen?
“Ik denk van Buurtzorg. Als je onder de zeventig bent en je komt niet in aanraking met ons als aanbieder van wijkverpleging, dan ken je ons wellicht van televisie, krant of radio. We zijn namelijk zeer bekend vanwege de organisatiemethodiek. We kennen zelfsturende teams en een cultuur die een beroep doet op je talenten en kwaliteiten. Je hebt als professional de regie over je eigen werk, je kunt zelf initiatieven nemen. Tegelijkertijd ben je kritisch op elkaar en leer je van elkaar. In 2007 is met die achtergrond Buurtzorg opgezet. Onze organisatie kent inmiddels 14.000 medewerkers: 9.000 in zo'n 1.500 Buurtzorgteams in de wijkverpleging en 5.000 in zo'n 450 Buurtdienstenteams in de huishoudelijke zorg. Doordat we zelfsturing hanteren kunnen we meer werk met minder uren verrichten. We kennen geen managers en geen corporate overhead. Dus geen compliance officer, geen marketing- of PR-afdeling. Als we worden gebeld door de NOS of we een half uur een interview willen geven, dan zeggen we daar gewoon ‘ja’ op.”
2. Het model van Buurtzorg is inmiddels ook internationaal uitgerold?
“Ja, we zitten inmiddels in maar liefst 25 landen. In onder andere Zuid-Korea, Zweden, de Verenigde Staten, het Verenigd Koninkrijk, China, India, Taiwan, Duitsland en Japan. Ik sta aan het hoofd van Buurtzorg International. Mijn vader Jos is oprichter en de baas van Buurtzorg Nederland. We worden voor congressen en symposia wereldwijd uitgenodigd om over zelfsturing, de basis van onze organisatiemethode, uit te leggen. Een keer per jaar mag ik op Harvard Business School vertellen hoe het zit. Naast zelfsturend, vind ik zelfredzaamheid belangrijk. Hoe kun je als zorgorganisatie zoveel mogelijk cliënten zelfredzaam krijgen? Hoe kan iemand zo lang mogelijk autonoom zijn leven leiden? Dat is ook de achterliggende gedachte achter onze nieuwe tak Buurtwonen.”
Kracht van wijkwinkelcentra
De S van social komt ook terug in wijkwinkelcentra. Koppers: “De kracht van wijkwinkelcentra zit niet alleen in de efficiëntie in het doen van weekboodschappen, maar ook het samenkomen van mensen”, staat in het visiedocument. “Wanneer actief ingezet wordt op het verbeteren van het verblijfsklimaat in buurt- en wijkwinkelcentra kan winkelvastgoed een sterke bijdrage leveren aan de lokale sociale cohesie. Deze centra bieden een comfortabele en veilige omgeving die uitnodigt tot socialiseren. Bovendien hebben ze aangetoond een belangrijke rol te spelen in het tegengaan van eenzaamheid, vooral onder ouderen. Winkelcentra met goede bereikbaarheid, voldoende parkeerfaciliteiten en verblijfsvoorzieningen zullen niet alleen leiden tot een beter financieel vooruitzicht, maar ook tot een hogere sociale inclusie van verschillende bevolkingsgroepen.”
3. Bent u wel eens verbaasd over alle aandacht voor de manier van organiseren?“
“Nee, eigenlijk niet. Ik ben opgegroeid vanuit de altruïstische gedachte. We wilden altijd het juiste doen. Mijn beide ouders waren verpleegkundigen toen ik opgroeide. Dus het helpen van mensen zit er van kinds af aan in. Het verbaasde mij juist dat veel mensen vanuit commercieel of eigen belang een bepaalde weg bewandelen. Ze gebruiken niet hun intrinsieke motivatie om iets te doen. Terwijl verpleegkundigen, maar ook onderwijzers en politieagenten vanuit zichzelf al het juiste willen doen. Verpleegkundigen en verzorgenden doen zwaar werk. Als je hun salaris vergelijkt met bijvoorbeeld vastgoedontwikkelaars en makelaars, dan is dat compleet scheefgegroeid. Bij Buurtwonen schrappen we extra kosten die alleen maar de prijs opdrijven. Dit is in die zin een protestactie. Om te laten zien dat het wel kan om betaalbare, kleinschalige woonlocaties te beginnen voor mensen met een beginnende zorgvraag. Zij hebben een kleine portemonnee en kunnen niet terecht in een van de dure knarrenhofjes.”
4. Is daar dan ook de gedachte om met zelfredzaamheid van de cliënt tot minder zorgvraag te komen?
“Nee, eigenlijk niet. Ik ben opgegroeid vanuit de altruïstische gedachte. We wilden altijd het juiste doen. Mijn beide ouders waren verpleegkundigen toen ik opgroeide. Dus het helpen van mensen zit er van kinds af aan in. Het verbaasde mij juist dat veel mensen vanuit commercieel of eigen belang een bepaalde weg bewandelen. Ze gebruiken niet hun intrinsieke motivatie om iets te doen. Terwijl verpleegkundigen, maar ook onderwijzers en politieagenten vanuit zichzelf al het juiste willen doen. Verpleegkundigen en verzorgenden doen zwaar werk. Als je hun salaris vergelijkt met bijvoorbeeld vastgoedontwikkelaars en makelaars, dan is dat compleet scheefgegroeid. Bij Buurtwonen schrappen we extra kosten die alleen maar de prijs opdrijven. Dit is in die zin een protestactie. Om te laten zien dat het wel kan om betaalbare, kleinschalige woonlocaties te beginnen voor mensen met een beginnende zorgvraag. Zij hebben een kleine portemonnee en kunnen niet terecht in een van de dure knarrenhofjes.”
5. Zitten er ook nadelen aan zelfsturing?
“Op het moment dat je in een zelfsturend team je eigen zin wil doordrijven, dan heb je er al snel een nadeel van. We hebben een situatie gecreëerd. Die bestaat uit duidelijkheid voor alle manschappen en een frontlinie die zich niets op laat leggen. Je moet als baas dus consistent zijn in de dingen die je doet. Op het moment dat je op een open manier communiceert, uitgaat van vertrouwen en consistentie biedt, heb je wat waardevols in handen. Als je medewerkers de gelegenheid en het vertrouwen geeft om het juiste te doen, gaat het bij veel mensen goed. Als het al een keer misgaat, reguleert het team het. We hebben bij Buurtzorg bijna geen regels, maar een regel is dat we elkaar niet managen. Als iemand zich heel erg autoritair gedraagt, dan spreekt de rest van het team hem of haar daarop aan. Gemiddeld is in Nederland de overhead in de wijkverpleging tussen de 25 en 27 procent. Wij zitten op 8 procent. Dat is een financieel gat dat je kunt besteden aan betere zorg.”
6. Wat zou u doen als u een dag dictator van Nederland zou zijn?
“Ik denk dat je vaak een antwoord krijgt dat mensen regels zouden opleggen om hun manier gedaan te krijgen. Ik zou graag zien dat we regels afschaffen. Zodanig dat mensen zich weer op een gelijk niveau tot elkaar verhouden. Wat ik dan als eerste zou afschaffen? De bureaucratie in de zorg. Dat is een verspilling van tijd. Mensen die intrinsiek gemotiveerd zijn, moeten telkens verantwoording afleggen aan externe partijen. Daar baal ik van. Zeker omdat het commercieel en financieel gedreven mensen in de private sector zijn die de regels opleggen. Controle is niet de weg voorwaarts om mensen het juiste te laten doen. Op het moment dat we alleen de dingen doen waardoor zoveel mogelijk cliënten zo lang mogelijk autonoom blijven, dan gaat het volume aan zorg enorm naar beneden.”
7. Welke stappen ziet u met Buurtwonen voor u?
“Ik ben blij dat Achmea Real Estate aan boord is. Ze geven de ruimte om innovatie te laten bloeien. Ik vind het mooi dat we samen de kleinschaligheid kunnen omarmen om vervolgens die kleinschaligheid als een olievlek in Nederland uit te breiden. Bij Buurtzorg hebben we duizend teams verspreid over heel Nederland. Dus zie ik duizend mogelijkheden voor Buurtwonen. Senioren kun je namelijk alleen verleiden tot een overstap door met een goed alternatief voor hun huidige woning te komen. Ze willen niet intramuraal, ze willen zelfstandig wonen. Slechts voor een heel klein deel is intramurale zorg nodig. Dus heb je een huis nodig dat zodanig is aangepast dat je daarin lang oud kunt worden. Met de nodige zorg op afroep als je die nodig hebt. Vastgoed kan ondersteunend zijn daar waar goede zorg nodig is.”
8. Wat bedoelt u daarmee?
“Ik verwacht meer van de vastgoedsector. Er werken veel mensen in die sector die niet verder kijken dan wat het hen oplevert in de portemonnee. In die zin vind ik de vastgoedsector verziekt. De spreadsheet regeert. Maatschappelijke impact is eigenlijk altijd secundair. Dat is ook de reden om Buurtwonen op te zetten als tegenwicht. We realiseren dit voor een doelgroep die anders moeilijk aan bod komt. De kwaliteit van leven van de bewoners staat voorop. We bouwen duurzaam en de zorgkosten gaan ook nog eens omlaag. Het raakt eigenlijk alle maatschappelijk aspecten die belangrijk zijn.”
